|
|
Het Gebouw HET EXTERIEUR De ingangspartij van de kerk aan de Singel oogt weinig aantrekke? lijk. Zij is namelijk slechts de voorlopige afdichting van een onvoltooid bouwwerk. De rode stenen in het plaveisel van het kerkplein vormen de afdruk van een nimmer tot stand gekomen westbouw en toren, die architect P.J.H.Cuypers (1827-1921) de kerk had toegedacht.
SINT MARTINUS OP DE GEVEL VAN DE KERK
Vrijdag 7 juni 2002 werd aan de voorgevel van de kerk een beeld onthuld van Sint Martinus; de patroonheilige van onze kerk en van de stad Sneek. Van giften die de kerk kreeg, sommigen met dit doel, is voor dit kunstwerk gespaard. Aan de maker, Gosse Dam, werd de opdracht gegeven "Geef Sint Martinus gestalte voor de 21e eeuw. Eigentijds en zó dat de gemiddelde voorbijganger het verhaal herkent." Bij de onthulling -door een aantal kinderen van onze parochie met de naam Martinus, Martine enz.- gaf Gosse Dam de volgende uitleg. "Sint Martinus is een man die zijn eigen imago offerde voor het welzijn van een ander. Zoals Jezus zijn lichaam prijsgaf, sneed hij niet in zijn girorekening maar in zijn eigen gewaad." Een veel gestelde vraag bij dit beeld: Waar is de bedelaar die de helft van Martinus' mantel kreeg? Gosse Dam: "dat ben jezelf als je naar hem opkijkt............................"
DE ACHTERZIJDE De achterzijde, aan de Harinxmakade, doet aanzienlijk meer recht aan de vaardigheden van de bouwmeester. Op een beperkte breedte van dertig meter rijst het complex als een burcht op, waarbij de absis van de kerk vooruit dringt tussen een rijzige pastorie (thans St. Martinushuis) en een speelse sacristie, die met een lage omloop verbonden is met het eerder genoemde bouwdeel. Een vernuftig gecomponeerd geheel dat voortborduurt op het ontwerp voor Cuypers’ Posthoornkerk te Amsterdam.
HET INTERIEUR Dit mag een onverwachte verrassing genoemd worden voor wie binnentreedt. Het is rijk gedecoreerd, bijzonder gaaf bewaard, en het maakt door zijn prachtige proporties een bijna kathedrale indruk. Door een uitgekiende vormgeving wist Cuypers van een middelgrote kerk een luisterrijk geheel te maken.
Naar de bouwtrant van het Noorden is het werk van muren, pilaren en gewelven van een bijna romano-gotische zwaarte: breed, vol en vlezig. Het oog wordt als vanzelf naar voren en naar omhoog getrokken, met als rustpunten de opvallend hoge en massieve kansel, een groot gouden triomfkruis, totdat de blik uitkomt bij het fraaie ciboriumaltaar in het hoogkoor waarboven vijf hoge lancetvensters zich verheffen. De decoratie: een totale polychromering met rood als hoofdtint, die wordt aangevuld met fonkelend glas in lood (alles uit het atelier Cuypers-Stoltzenberg) geeft deze kerk een feestelijke mystieke schemer: Huis van God en Deur van de Hemel. Het hoofdorgel verheft zich in een wegens de onvoltooidheid van de kerk voorlopige kas op een eveneens provisorisch balkon. Het is een der kroonwerken van Maarschalkerweeerd & Zoon uit Utrecht, 1891, en bijzonder gaaf bewaard. Het telt 27 registers op twee manualen en pedaal en is vol,warm en welsprekend van geluid. Het geldt als het belangrijkste romantisch orgel in Noord Nederland.
NIEUWSGIERIG GEWORDEN ? U kunt uiteraard onze kerk komen bezichtigen; na de vieringen die volgens ons de moeite waard zijn om aan deel te nemen, of door de week.
|